Notities over thuisloosheid

25-11-2017 11:53

 

Een onderzoek naar het verschijnsel 'thuisloosheid', te onderscheiden van dakloosheid, waarvan iedereen wel ongeveer weet wat dát betekent.

 

Vandaag bezoek ik De Spreekbuis, een kleine sociëteit van de Regenbooggroep in Amsterdam Oost. Het is er druk en het ruikt naar gebakken spekkies. In de keuken bereiden ze hun van oudsher befaamde lunch voor de dak- en thuisloze bezoekers. Ik heb een afspraak met twee leden van de Social Media Club met wie ik via mijn werk voor Z! al enige jaren optrek. We belanden eerst aan de rooktafel, in het kantoor waar ook de distributie van de straatkrant plaatsvindt.

 

Lees verder onder de foto:

DSC_0132 (640x361)

Deborah en Ludwig

 

'Thuisloosheid is vooral een gevoel,' begint Deborah. 'Het permanente gevoel dat ik op de verkeerde planeet zit,' zegt Ludwig. 'Thuisloos ben je als je bij vrienden en familie logeert, zonder eigen huis,' bemoeit Steven zich met het gesprek. 'Maar ik zorgde ervoor dat ik altijd geld op zak had,' zegt hij trots. 'Nu heb ik weer een huisje en het gaat goed.' Door zich overal nuttig te maken voor anderen, werkte hij zich uit de misère.

 

Steven is een van de rolmodels van De Regenbooggroep. Hij versterkt, met zijn inzet als vrijwilliger, zonder twijfel de onderkant van de Amsterdamse samenleving. Deborah en Ludwig doen dat ook, als ervaringsdeskundige belangenbehartigers van De Regenboogcliëntèle, een zeer diverse groep dak- en thuisloze bezoekers van de inloophuizen.

 

Beiden deden lang geleden al ervaring op met dak- en thuisloosheid. Ze hebben allebei een woning, maar voelen zich nog altijd thuisloos. Wat is dat toch precies?

 

'Je hebt geen comfortzône meer,' verklaart Ludwig. 'Dat begon bij ons al heel vroeg. Als zoon van migranten maak je teveel mee.' Deborah luistert. 'Wij weten wat het is om mee te gaan met wat zich aandient,' zegt zij. 'Je hebt al jong geleerd je overal aan te passen. Eigenlijk is alleen je lichaam je huis. Je stelt je grenzen onzichtbaar van binnen.' Ludwig maakt als voorbeeld een vergelijking met reizen in het openbaar vervoer. 'Dat werkt als een soort huiskamer voor mij.'

 

Lees verder onder de foto

DSC_0098 (640x361)

Edo 

 

In het Centraal Station 1e klasse ontmoet ik oud-organisatie-analist en ex-dakloze Edo. Hij behartigt de belangen van dak- en thuisloze mensen op landelijk en Europees niveau en geeft gevraagd en ongevraagd beleidsadviezen. Ik leg hem enkele vragen voor uit een rapport over de dak- en thuislozenopvang in drie Europese steden uit 2015. En vraag hem: Hoe komen mensen van de straat doorgaans weer in een huis terecht?

 

Op de School voor de Journalistiek in Utrecht schreven we in 1978 onder leiding van Piet van den Ende en Jac. Vroemen een oefen-story met het thema: De breuk in je leven. 'That's where the light get's in', zong Leonard Cohen jaren later en in Japan lijmen ze van oudsher breuken in het porcelein met goudverf. Op het breekvlak van dingen spelen zich vaak de naarste, maar ook de mooiste taferelen af.

Thuisloosheid is zo'n ding.

(Wordt vervolgd)

 

Tijd voor reflectie

17-10-2017 15:16

 

Eerder dacht ik nog aan RSI en de deskundigen zeiden dat ik daarvoor het beste krachttraining kon gaan doen. 'Je moet even door de hel, maar dat gaat zeker helpen,' zei de buurman, sportleraar. 'Pijn met pijn bestrijden, dat doen ze bij de revalidatiekliniek ook.' Gelukkig blijkt dat toch niet nodig. Voor een 'frozen shoulder' doe je gewoon rek- en strekoefeningen, die ik dankzij good old Googel vond. En ik mag trainen bij die geweldige buurman in zijn schitterende buurtsportzaal voor 1,50 (!) per keer.

 

Na jaren pionieren voor Z! de Amsterdamse straatkrant, is het tijd voor wat reflectie. Met mijn lichaam als leraar, zo blijkt weer eens. Onder de pijn van de bevroren schouder zat een meisje verscholen. Ze huilde en riep op het laatst zelfs: 'mamma, alsjeblieft.' Dat krijg je, als Spartaans opgevoed tweede-generatiekind. Ik geef dit meisje/verdriet nu even alle ruimte en koester - naar goed psycho-analytisch gebruik - Het Kind in mij.

 

DSC_0047tt

 

Ondertussen lees ik het pamflet over digitale onthouding van Hans Schnitzler. Het roept weer de nodige vragen op. Twee jaar geleden interviewde ik deze filosoof over zijn eerste boek 'Het digitale proletariaat.' Ook dit keer schetst hij een tamelijk somber beeld, waarvan ik me afvraag welk deel van onze werkelijkheid dat dekt. Maar erover lezen en erop reflecteren biedt een zekere troost. Ik ben niet de enige die - tussen al die de snelle marketingjongens- en meisjes - worstelt met de 'intiem-technologische revolutie' en de (schijn)werkelijkheid waar we in zijn beland.

 

Wie mijn interview met Hans Schnitzler in Z! nog eens na wil lezen, klikke op onderstaande pijl.

 

schnitzlerzw00014.pdf
reacties  0 reacties reageren